<< Terug naar het nieuwsoverzicht

Reconstructie van “Elephas" celebensis door Werner Schmid

WPZ-lid Werner Schmid (Bernhardsthal, Oostenrijk) reconstrueert een bijzondere olifantachtige (“Elephas” celebensis) met in de boven- en onderkaak slagtanden. Zijn reconstructie is de eerste van deze diersoort en de eerste resten hiervan bevinden zich in de collectie van het Nationaal Natuurhistorisch Museum Naturalis in Leiden.


Reconstructie, schaal 1:25, van "Elephas" celebensis door Werner Schmid (2001), vooraanzicht. Karakteristiek zijn niet alleen de twee bovenkaak slagtanden, maar ook de twee onderkaak slagtanden.

Sinds een aantal jaren is Werner Schmid uit het kleine plaatsje Bernhardsthal, vlakbij de Oostenrijks-Tsjechische grens, lid van de Werkgroep Pleistocene Zoogdieren. Al heel lang daarvoor heeft hij in zijn omgeving resten verzameld van Tertiaire en Kwartaire zoogdieren, hoofdzakelijk resten van slurfdragers (Proboscidea). Een omvangrijke collectie heeft hij opgebouwd en ondergebracht in zijn woonhuis. Daarnaast reconstrueert hij al vele jaren recente en uitgestorven olifantachtigen. Uit de literatuur haalt hij de benodigde gegevens om zijn reconstructies gestalte te geven. Ook produceerde hij vele olifantachtigen als mastodonten en mammoeten op basis van de “fossil record”. Daartoe bezocht hij vele musea in Europa en ook bijvoorbeeld in Kenia. Zo ontstond een verzameling van deze dieren op schaal van 1:25 die buitengewoon omvangrijk is: meer dan 300 kleimodellen.


Reconstructie, schaal 1:25, van "Elephas" celebensis door Werner Schmid (2001). Detail opname van de kop.

Vorig jaar (2001) was Werner Schmid op bezoek in Nederland. Daar wilde hij een aantal slagtanden van mammoeten bekijken en van recente olifanten om nog een aantal nieuwe reconstructies aan zijn verzameling toe te voegen. Diep onder de indruk was hij van de Nederlandse collecties zoals die in Naturalis. Naast het vele interessante dat hij daar zag was hij het meest onder de indruk van een aantal fossiele resten van een slurfdrager, “Elephas" celebensis, uit Zuid-Oost Azië. Daarvan had hij nog nooit fossiele overblijfselen gezien, laat staan in zijn handen gehad. Uitvoerig werden deze stukken gefotografeerd


Uit: Hooijer (1949): Plaat VIII

In 1949 kreeg de toenmalige conservator van de collectie Dubois, D.A.Hooijer van het Rijksmuseum van Natuurlijke Historie (nu Naturalis), in Leiden enkele molaren van de archeoloog Van Heekeren. Deze molaren van een slurfdrager waren herkomstig van zuidwest Sulawesi, bij de meesten beter bekend als Celebes. Hooijer (1949) beschreef een onafgesleten M2 of M3, een afgesleten M2 of M3 , wat geïsoleerde platen, gedeeltes van een rechter ulna en een linker tibia als een nieuwe soort, namelijk Archidiskodon celebensis. Het dier was klein en ongeveer half zo groot als Archidiskodon planifrons en Archidiskodon meridionalis (met een schouderhoogte van zo’n 4 meter) en daarmee nauw verwant. Archidiskodon is een geslachtsnaam die niet meer van toepassing is op Archidiskodon meridionalis die tegenwoordig Mammuthus meridionalis heet. Het materiaal kwam van de vindplaatsen Sompoh, Desa Beru en Tjabengè en waren oppervlakte vondsten.


Gedeelte van plaat XXII van Hooijer (1954) met daarop de onderkaak met een alveole (tandkas) voor een slagtand en daaronder nog een deel van een slagtand.

Hooijer (1953a, b, 1954, 1972) beschrijft nog enkele kiezen, waaronder enige melkmolaren en een onderkaak, waarin een slagtand heeft gezeten."Elephas" celebensis wordt dan gekaraktiseerd als een kleine olifantachtige, half zo groot als Archidiskodon planifrons, met het soms voorkomen van een onderkaakslagtand en de ontwikkeling van premolaren. Maglio (1973) plaats de soort planifrons en celebensis in het genus of geslacht Elephas en ziet het terugkeren van een functionele slagtand als een paedomorphosis (het optreden van wijzigingen in de vorm tijdens de jeugd). Dit wordt gevolgd door Hooijer (1974). Daar het niet zeker is of de soort celebensis tot Elephas behoort, plaatst Van den Bergh (1999) deze in het geslacht Elephas, maar dan tussen aanhalingstekens, om de onzekere taxonomische positie aan te geven.

 

Gedurende 1985/1986 werd er door Fachroel Aziz van de GRDC (Geological Research and Development Centre) in Bandung een tamelijk complete, maar toch enigszins beschadigde schedel van “Elephas” celebensis gevonden. Tijdens een veldwerk periode die duurde van 1989 tot 1993, uitgevoerd door de GRDC, in samenwerking met Naturalis en de Universiteit van Utrecht, werd meer materiaal gevonden. Dit werd uitvoerig beschreven door Van den Bergh (1999) in zijn proefschrift.

"Elephas" celebensis maakt deel uit van een endemische eiland fauna.


Uit Van den Bergh et al., 2001, fig. 3

In het Laat Plioceen en in het Vroeg Pleistoceen bestaat de fauna van zuidwest Sulawesi (fig. 1) uit een reuzenschildpad, een dwergstegodon, “Elephas” celebensis en een vreemd varken (Celebochoerrus heekereni). In het Laat of Midden Pleistoceen zien we een fauna-omslag met daarin een grote olifant en Stegodon.

Na terugkeer in Oostenrijk is Werner Schmid met deze gegevens aan de slag gegaan en vervaardigde een reconstructie van “Elephas” celebensis. Eerst heeft hij met behulp van het proefschrift van Gert van den Berg de schedel en vooral de onderkaak op papier gereconstrueerd. Toen hij daar eenmaal tevreden over was, heeft hij het model van deze bijzondere Elephas in klei geboetseerd. Eerst een schaalmodel (1:25) voor zijn eigen collectie en vervolgens maakt hij een model van 1:10 voor Naturalis. Onlangs is het breekbare model overgebracht van Bernhardsthal naar Leiden. Daar is het model heelhuids aangekomen.

Het staat nu tentoongesteld in de vitrine van nieuwe aanwinsten op de afdeling paleontologie. Helaas, alleen voor bezoekers van de afdeling zichtbaar, niet voor het publiek. Het is tentoongesteld met het onderkaakje met de M2 en een vergelijkende M2 van een recente olifant, om het verschil in grootte goed uit te laten komen.

 

>> Bekijk hier meer foto's van het werk van Werner Schmid <<

Literatuur
Hooijer, D.A .,1949. Pleistocene Vertebrates from Celebes. IV. - Archidiskodon celebensis nov spec.- Zool. Meded. 30: 205 -226

Hooijer, D.A .,1953a. Pleistocene Vertebrates from Celebes. V. - Lower molars of Archidiskodon celebensis Hooijer - Zool. Meded. 31: 311 - 318

Hooijer, D.A .,1953b. Pleistocene Vertebrates from Celebes. VII. - Milk molars and premolars of Archidiskodon celebensis Hooijer - Zool. Meded.32: 221 230

Hooijer, D.A .,1954. Pleistocene Vertebrates from Celebes. XI. - Molars and a tusked mandibleof Archidiskodon celebensis Hooijer - Zool. Meded. 33: 103 - 120

Hooijer, D.A .,1972. Pleistocene Vertebrates from Celebes. XIV. - Additions to the Archidiskodon- celebochoerus fauna - Zool. Meded. 46: 1-16

Hooijer, D.A .,1974. Elephas celebensis (Hooijer) from the Pleistocene of Java - Zool. Meded. 48: 85 - 93

Maglio, V.J., 1973. Origin and evolution of the Elephantidae - Trans. Amer. Phil. Soc., N.S., 63, 3: 1-149.

Van den Bergh, Gert D., 1999. The Late Neogene elephantoid-bearing faunas of Indonesia and their palaeozoogeographic implications. A study of the terrestrial faunal succession of Sulawesi, Flores and Java, including evidence for early hominid dispersal east of Wallace’s Line.- Scripta Geologica, national museum of natural history, 177: 1-419.

Van den Bergh G.D., J. de Vos & P.Y. Sondaar, 2001. The Late Quaternary palaeogeography of mammal evolution in the Indonesian Archipelago - Palaeogeography, Palaeoclimatology, Palaeoecology 171: 385 - 408.

Dick Mol , CERPOLEX/Mammuthus en Natuurmuseum Rotterdam

John de Vos, Nationaal Natuurhistorisch Museum, Naturalis, Leiden.

<< Terug naar het nieuwsoverzicht